Toen ik eens een paar dagen ziek thuis zat, viel het me op hoe vaak de vaste telefoon ging. Helemaal vergeten dat ik die nog had, zo’n vaste telefoon met antwoordapparaat en fax in een. Maar toen liet die telefoon heel regelmatig en heel driftig horen dat ie er nog was.
Telefonische verkopers, dacht ik dan, of enquêteurs. Als het echt belangrijk is, bellen ze me op de zaak of op mijn mobiel. Of ze spreken een boodschap in. Ik nam niet op. Nooit.
Onlangs weer een paar dagen op kantooruren thuis. En ja hoor, die verstofte telefoon ging nog net zo vaak. Wie kende in dit mobiele tijdperk nog mijn vaste nummer? Toch maar eens opgenomen, voor het eerst in jaren. De hoorn was plakkerig en zat vol stof, de lijn kraakte: “Goedemiddag, met de Nederlandse Energie Maatschappij, weet u dat u te veel voor uw gas en licht betaald?”
“Nee, nee, nee! Weet ik niet! Ga weg! Laat me met rust!” Een reactie die contrasteert met mijn hoorbaar lang en stuntelig zoeken naar het uitknopje op de hoorn, dat daar natuurlijk niet zit. Vroeger gooide je de hoorn op de haak, weet je nog?
Toch heeft het geholpen. Ik word nooit meer gebeld op de vaste lijn, of welke lijn ook. Wat ik precies goed heb gedaan weet ik niet. Maar zonder het inmiddels roemruchte bel-me-niet-register blijf ik buiten bereik van de telemarketeers. En straks ook van de colporteurs. Beter!
Bart Meijer, copywriter Adrenaline Communicatie
Binnenkort maar weer mijn remblokken vervangen. Dat is snel gegaan want de vorige keer was niet lang geleden. Oorzaak: felgekleurde oranje en gele en roze hesjes. Vroeger zag je die nauwelijks. Alleen wegwerkers droegen ze en de verkeerspolitie uiteraard, om niet van de sokken te worden gereden.
Felgekleurde hesjes
Tegenwoordig hijsen hele volksstammen zich in felgekleurde hesjes. Helemaal sinds enkele populaire vakantielanden je verplichten er een in de auto te hebben. Vervolgens verzorgden de ANWB en het netwerk van tankstations gretig de landelijke distributie en nu heeft iedereen er een.
In de ankers
Dus rem ik ‘s ochtends op weg naar Hilversum stevig voor wat een kleuterklas in felgekleurde hesjes blijkt te zijn die verkeersles krijgt. Ga ik ter hoogte van Abcoude in de ankers voor de signaalroze hesjes van een legertje lusteloos in het gras prikkende taakstraffers en zet ik de auto bijna dwars bij de eerste glimp van een bijeenkomst van plattelandsvrouwen die in de middenberm een ukelele concert geven, in fel gekleurde hesjes uiteraard.
Val op, maar met mate
De communicatieles in deze: opvallen is prima, maar het liefst wel relevant. En vooral niet te vaak. Want in dit geval leidt dit tot de devaluatie van een belangrijk verkeerssignaal. Jammer voor de kleuterklas en de taakstraffers, maar de volgende keer rem ik niet meer. De kosten als ik wel een politiefuik inrijd, wegen ruimschoots op tegen de kosten van al die remblokjes.
Bart Meijer, copywriter Adrenaline Communicatie
Makelaars vormen niet de meest sympathieke beroepsgroep. Jarenlang hebben ze bakken met geld verdiend zonder er veel voor hoeven te leren of te doen. Maar wat centen naar een reclamebureau brengen, daar deden ze niet aan. Altijd zworen zij bij de bekende vierkante advertentie met foto in de woonkrant. Een huis verkoopt zich zelf wel, was het devies.
Nieuwe tijd
Tegenwoordig hebben die makelaars het een stuk lastiger. Advertenties werken niet meer en internet zorgt ervoor dat iedereen zijn eigen makelaar kan zijn. De nieuwe tijd dreigt makelaars dan ook de das om te doen. Maar zij geven niet op en grijpen terug naar het alleroudste, allersimpelste en aller-analoogste medium dat er is: het makelaarsbord.
Blijvertje
Hezen ze in de donkere middeleeuwen dooie kraaien en zwarte vlaggen in een paal als waarschuwing tegen pest, dood en verderf; makelaars plaatsen een bord met TE KOOP. Vervolgens doen weer, wind en tijd hun werk en het resultaat verandert hele straten, buurten en industrieterreinen in gost towns en dodenakkers. En het bord is een blijvertje. Als er een nieuwe huurder of koper is gevonden, dan gaat het zijn tweede levensfase in. De makelaar plakt er een quasi scheve sticker VERKOCHT over en we worden nog maanden met dit zichtbare bewijs van zakelijk succes geconfronteerd.
Scheve sticker
Ook wij hebben zo’n bord voor het pand staan, de versie met de scheve sticker VERHUURD. En dat terwijl we al tien jaar aan de Franciscusweg zitten en we ons ook voor de komende jaren hebben vastgelegd. Maar de makelaar is nog lang niet van plan het bord weg te halen.
Het is zijn ultieme wraak. Niet jegens ons maar jegens de nieuwe tijd. De wraak van een dinosaurus.
Bart Meijer, copywriter Adrenaline Communicatie
Slecht nieuws voor de reclamecreatieven van het oude stempel. ikzelf schrik er ook van, maar ik ontkom ook niet meer aan dat oude stempeltje. Ik heb het vak van copywriter namelijk nog geleerd in een tijd dat we dachten in millimeters en in seconden. In pagina’s fullcolour en in radio- of tv-spots. In headings, visuals en pay-offs. En een goede advertentie maakte je tot een juweeltje met een dot van een bodycopy.
Anders schrijven
Dat is nu dus wel anders. Moest je als copywriter vroeger je woorden op een gouden schaaltje wegen en leerde je dat schrijven vooral schrappen is, op internet worden die wetten van het tekstschrijven binnenstebuiten gekeerd en op hun kop gezet. Geen compacte taal of stijlbloemetjes maar tekst met keywords, hoe meer, hoe beter. Tekst is hier niet alleen een middel om informatie over te dragen, het is vooral een instrument om gevonden te worden. En gevonden worden, dat is anno 2010 het hoogste goed.
Search engine optimalisation
De aloude copywriter wordt dus SEO tekstschrijver. Iets waar ik prima mee kan leven. Het laat maar weer zien dat taal en tekst hun belang nooit zullen verliezen en, niet minder belangrijk, een goede en vindbare webtekst schrijven is nog steeds een kunstje dat niet iedereen beheerst. De copywriter/tekstschrijver/seo editor hoeft wat dat betreft niet zo snel voor zijn plekje te vrezen.
Social media
Dacht ik tot voor kort, me niet realiserend dat er een steeds groter deel van de uitgaven aan online advertising gaat zitten in social communities en andere web 2.0 exponenten. Daar schrijft werkelijk iedereen er de godganse dag op los en het lijkt wel of de hele wereld aan het bloggen is geslagen. Of aan het hyven, twitteren en linken. En als iedereen op internet zelf woordenwatervallen gaat produceren, waar blijf ik dan nog als copywriter/seo editor?
Copy wordt SEO wordt tweet wordt…
Of ik nu van het oude stempel ben of niet, copywriter of seo editor, die nieuwe media en die nieuwe communicatievormen interesseren me wel. Nu nog de flexibiliteit om me soepel aan te kunnen passen aan de veranderingen. Want is dat niet, meer nog dan slimheid en kracht, de voorwaarde om succesvol te zijn? Helemaal in een wereld die verandert van offline naar online.
Bart Meijer, copywriter Adrenaline Communicatie